Blog: hoe zit het met AI en WCAG?
Digitale toegankelijkheid gaat over veel meer dan techniek. Het draait om gelijke toegang tot informatie voor iedereen. Daarbij spelen drie vragen altijd een hoofdrol:
- Welke apparaten en internetverbinding hebben mensen?
- Welke digitale vaardigheden hebben ze?
- Is de website of app zelf goed ontworpen en bruikbaar?
Voor dat laatste bestaan de WCAG‑richtlijnen (Web Content Accessibility Guidelines). Maar die zijn uitgebreid, en geschreven in technisch en juridisch jargon. De vraag is logisch: kunnen we AI niet al die WACG-regels 'voeren' zodat AI het werk kan doen? Het antwoord is: een beetje en met grote kanttekeningen.
WCAG gaat over meer dan code
De WCAG is niet alleen een technische handleiding. Het is ook:
- Een kwestie van goed programmeren: schone HTML, correcte labels, slimme focusvolgorde.
- Een mindset: nadenken over alternatieven voor kleuren, geluid of complexe informatie.
- Administratie: zoals onderzoeksrapporten en verplichte toegankelijkheidsverklaringen.
AI kan op sommige onderdelen ondersteunen, maar zeker niet overal.
Waar AI wél helpt
1. Programmeren en testen
AI kan developers ondersteunen door HTML‑fouten op te sporen, code te suggereren en grote aantallen pagina’s automatisch te scannen op basisproblemen. Tools van bijvoorbeeld Deque worden steeds beter in het herkennen van foutieve focusvolgorde, navigatieproblemen en ontbrekende labels. Maar: een menselijke expert blijft noodzakelijk voor interpretatie.
2. Teksten vereenvoudigen en taal begrijpelijk maken
Tools kunnen lange zinnen inkorten en moeilijke woorden vervangen. Dat helpt mensen met beperkte taalvaardigheid of cognitieve beperkingen. Toch moet je altijd zelf controleren: AI begrijpt nuance niet altijd goed.
3. Ondertitelen en transcriberen
Automatische ondertiteling is inmiddels heel bruikbaar en sluit aan op de WCAG‑eisen. Je moet fouten nog wel zelf corrigeren. Audiodescriptie blijft voorlopig mensenwerk.
4. Contrastcontroles
AI‑tools kunnen snel kleurcontrast analyseren en problemen signaleren. Dit zit bijvoorbeeld al in de toegankelijkheidschecker van Word.
5. Ontoegankelijke pdf’s omzetten
Dit is een veelbelovende ontwikkeling. Nieuwe tools kunnen een groot deel van het repareren van pdf’s automatiseren. Dit bespaart overheden straks veel tijd en geld.
Waar AI (nog) niet goed genoeg is
1. Gebruikerservaring en interactie
AI leest code, maar gebruikt geen website. Een onderzoeker test knoppen, submenu’s, schermlezers, verschillende browsers en onverwachte situaties. Dat kan AI niet – en daardoor mist het cruciale fouten.
2. Alt‑teksten maken
AI kan wel een plaatje beschrijven, maar begrijpt de context niet. Daardoor ontstaan platte of misleidende omschrijvingen. Zeker bij complexe beelden (zoals grafieken of kaarten) blijft handmatig werk nodig.
3. Begrijpen wat wél toegankelijk hoeft te zijn
De WCAG staat alternatieven toe. Soms hoeft een probleem niet opgelost, zolang er een toegankelijk alternatief is. AI mist dit bredere perspectief.
4. Betrouwbare representatie bij beeldgeneratie
Omdat mensen met een beperking maar in een fractie van het online beeldmateriaal voorkomen, maakt AI vaak onnauwkeurige of stereotype afbeeldingen.
5. Administratieve WCAG‑toetsing
Automatische tests kunnen helpen, maar een volwaardig WCAG‑EM onderzoek – verplicht voor overheden – moet door een mens worden uitgevoerd.
De conclusie: AI is een assistent, geen vervanger
AI kan het werk versnellen, fouten opsporen en veelvoorkomende taken ondersteunen. Maar digitale toegankelijkheid draait om mensen, gebruikservaring en context. En dat blijft specialistisch werk.
De beste aanpak:
• Werk met ervaren developers en ontwerp toegankelijk vanaf het begin.
• Laat onderzoeken uitvoeren door deskundigen die de wet kennen.
• Test met echte gebruikers, ook met een beperking.
• Zet AI slim in, maar ken de grenzen én mogelijkheden.
Met dank aan Julia Tol van Proper Access en input van team Level Level


